Eenzaamheid en een beperking gaan vaak samen

rolstoel beeld

Sommige mensen zijn zo nu en dan eens eenzaam, anderen ervaren eenzaamheid elke dag. Sommige mensen zijn een beetje eenzaam, anderen zijn ernstig eenzaam. Mensen met een beperking of een handicap horen vaak tot de laatste groep, zij zijn vaak erg eenzaam. Hoe zit dat?

Voor contacten met andere mensen is het handig als je andere mensen goed kunt bereiken

Contacten met andere mensen, dat zijn allereerst contacten met huisgenoten. Zo is een partner meestal de belangrijkste buffer tegen eenzaamheid. Dat geldt voor alle mensen, met en zonder een beperking. Maar ook andere huisgenoten kunnen bijdragen aan het voorkomen en oplossen van eenzaamheid. 

Contacten met andere mensen vraagt daarnaast ook dat je mensen buiten de eigen woning goed kan bereiken en dat je zelfstandig kan deelnemen aan allerlei activiteiten buitenshuis. Denk daarbij aan (heel belangrijk!) een betaalde baan, aan vrijwilligerswerk, het lidmaatschap van een zangkoor, een sportvereniging of een hobbyclub. 

Voor mensen met een beperking is het niet altijd even eenvoudig om dit te realiseren. Mensen met een beperking ervaren problemen bij het uitvoeren van dagelijkse routine-activiteiten, zoals lopen en het gebruik van openbaar vervoer.

  • Dit betreft mensen met een fysieke beperking, die aangewezen zijn op een rolstoel en/of hulp van begeleiders.
  • Het betreft mensen die visueel zijn gehandicapt –slechtziend of blind – die niet veilig alleen op straat kunnen gaan.
  • Het betreft ook slechthorende en dove mensen die in gezelschap de grootste moeite hebben om gesprekken te volgen en gehoord te worden.
  • Het betreft ook de mensen met een verstandelijke beperking: ook zij zijn vaak niet in staat om zelfstandig deel te nemen aan en te participeren in allerlei activiteiten buitenshuis.

Als je niet goed kan participeren in activiteiten buitenshuis en moeite hebt met het bereiken van andere mensen dan ligt eenzaamheid snel op de loer. 

Hoeveel mensen in Nederland hebben te maken met fysieke of verstandelijke beperkingen?

Dat is nog niet zo eenvoudig vast te stellen. Er zijn alleen al omstreeks 150.000 mensen die vanwege beperkingen zijn opgenomen in instellingen. Daarnaast schat het Sociaal Cultureel Planbureau (2012) dat er nog eens 1,4 miljoen thuiswonende mensen in Nederland zijn, die matige of ernstige lichamelijke beperkingen hebben (1.005.000 matige beperkingen en 415.000 mensen met ernstige beperkingen). Van deze groep is ruim de helft 65 jaar of ouder. Vrouwen zijn vaker in deze groep te vinden dan mannen.

  • Van deze groep zijn 150.00 mensen permanent aangewezen op het gebruik van een rolstoel.
  • Naar schatting zijn er 76.000 blinde en 220.000 slechtziende thuiswonende mensen in ons land.
  • Ongeveer 60.000 mensen in ons land hebben ernstige verstandelijke beperkingen. In deze groep treffen we in verhouding veel jongere mensen aan.

De prevalentie van de verschillende vormen van beperkingen blijkt in de tijd redelijk stabiel te zijn, volgens het Sociaal Cultureel Planbureau (2012).

Een aanzienlijk deel van de mensen met beperkingen is eenzaam

Gelukkig zijn veel mensen met een beperking goed ingebed in hun sociale omgeving: zij hebben een partner of wonen samen met andere huisgenoten, ze hebben familieleden, collega’s en vrienden en zijn daardoor in staat om op verschillende gebieden actief deel te nemen aan de samenleving. Hun participatie in de samenleving is de laatste jaren ongeveer gelijk gebleven. Contacten met vrienden, contacten binnen verenigingen, organisaties en via buurtvoorzieningen zijn allemaal ongeveer op het zelfde niveau gebleven wanneer we de ontwikkelingen over de laatste jaren bekijken. Een uitzondering daarop vormt de toename van vrijwilligerswerk en de afname van het gebruik van buurtvoorzieningen. Dit patroon geldt zowel voor de mensen met lichamelijke als met verstandelijke beperkingen. 

Maar we kunnen anderzijds niet om de feiten heen dat mensen met een beperking wel een hoger risico lopen om eenzaam te zijn in vergelijking met mensen zonder beperking. De belangrijkste oorzaak van hogere eenzaamheid ligt voor jonge mensen met een beperking in de moeilijkheden die zij ervaren om een partner en vrienden te vinden en voor jong en oud om volwaardig mee te doen in de samenleving. 

yvonneInterview met Yvonne (32): fysieke beperking zorgt voor gevoelens van eenzaamheid

Yvonne Lammertink heeft een fysieke beperking die het lastig maakt om sociale contacten op te bouwen en te onderhouden. "Me eenzaam voelen is een naar gevoel. Het voelt alsof de wereld verdergaat, terwijl ik stilsta." Maar ze probeert ook juist kansen te zien en creëren.

Lees Yvonnes persoonlijke verhaal

De cijfers van het NIVEL rapport ‘Deelname aan de samenleving van mensen met een beperking, ouderen en de algemene bevolking’ (2014) wijzen uit dat ook recent weer een hoog percentage mensen met een matige of ernstige lichamelijke beperking (zeer) sterk eenzaam blijkt te zijn. Van de mensen met een ernstige lichamelijke beperking voelt 28% zich (zeer) sterk eenzaam; voor de hele Nederlandse bevolking ligt dat cijfer op 8%. 

Ook onder de mensen met een verstandelijke beperking speelt eenzaamheid een rol van betekenis: 37% van hen geeft aan zich weleens eenzaam of alleen te voelen. In vergelijking met eerder onderzoek is de mate van eenzaamheid niet toe- of afgenomen. 

Lichamelijke of verstandelijke beperkingen en eenzaamheid; oorzaak én gevolg

Slechthorende en dove mensen hebben meestal minder vrienden en bekenden en zijn vaker sterk eenzaam dan leeftijdsgenoten zonder gehoorproblemen. Juist omdat ze slechthorend of doof zijn en weinig relaties met anderen hebben, ervaren ze meer stress en dat leidt weer tot spanningen in nog bestaande contacten en verlies van contacten en vervolgens tot nog meer eenzaamheid. Dit treft zowel kinderen, adolescenten als volwassenen. Voor kinderen blijkt dan het hebben van on-line vrienden naast off-line vrienden een mooie oplossing. 

Dit is een voorbeeld van hoe mensen met een fysieke of verstandelijke beperking in een vicieuze cirkel terecht kunnen komen: wanneer zij weinig vrienden en bekenden hebben, denken ze al snel dat anderen niet geïnteresseerd zijn om met hen iets te ondernemen. Ze trekken zich terug en dat kan de eenzaamheid weer versterken. 

Jenny Gierveld, 17 december 2015

Terug naar de risicofactoren voor eenzaamheid

 

 
Jenny Gierveld

Jenny Gierveld

Iedereen kan te maken krijgen met eenzaamheid. Maar er zijn risicofactoren die de kans op eenzaamheid vergroten. Prof. dr. Jenny Gierveld (1938) bespreekt op deze plek zulke factoren. Gierveld is grondlegger van eenzaamheidsonderzoek in Nederland en nog altijd actief als onderzoeker. Gierveld was hoogleraar aan de Vrije Universiteit Amsterdam, in de Faculteit Sociale Wetenschappen. Daarnaast was zij directeur van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI). Zij is lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Gierveld ontwikkelde onder andere de De Jong Gierveld Eenzaamheidsschaal, een vragenlijst die algemeen gebruikt wordt om eenzaamheid te meten.
Lees meer blogs van prof. dr. Jenny Gierveld

Nederlanders vinden eenzaamheid een groot probleem

De Nederlandse bevolking ziet eenzaamheid als (redelijk) groot probleem (71 procent). De meeste Nederlanders zijn zich bewust van het bestaan van het probleem (69 procent). Men vindt het onderwerp eenzaamheid waard om over na te denken (79 procent).

Eenzaamheid is een gebrek aan betekenisvolle sociale contacten met andere mensen. Het kan zijn dat de kwaliteit van de contacten die je hebt achterblijft bij je wensen. Het kan ook zijn dat het aantal contacten dat je hebt met andere mensen geringer is dan je zou wensen.

Voor wie zich verder wil oriënteren:

Alma, M. A., Sijrike F., Van der Mei, S. F., Feitsma, W. N., Groothoff, J. W., Van Tilburg, T. G., & Suurmeijer, T. P. B. M. (2011). Loneliness and Self-Management Abilities in the Visually Impaired Elderly. Journal of Aging and Health, 23(3), 845-861.

Blom, H., Marschark, M., Vervloed, M. P. J., & Knoors, H. (2014). Finding Friends Online: Online Activities by Deaf Students and Their Well-Being. PLOS one, 9(2).

De Klerk, M., Fernee, H., Woittiez, I., & Ras, M. (2012). FACTSHEET Sociaal Cultureel Planbureau; Mensen met lichamelijke of verstandelijke beperkingen.

Meulenkamp, T., Waverijn, G., Langelaan, M., Van der Hoek, L., Boeije, H., & Rijken, M. (2015). NIVEL Deelname aan de samenleving van mensen met een beperking, ouderen en de algemene bevolking. Rapportage participatiemonitor 2015.

Pronk, M., Sant, N. l., Kramer, S., & Deeg, D. (2014). Wanneer je gehoor je in de steek laat. KennisLink, 7 februari 2014.

 

"Social"